Wie is er nu eigenlijk belangrijk? 01-09-2007

Thema:Wie is er nu eigenlijk belangrijk? - jaarC

Voor de viering zingt het koor:
“Praise his holy name” (nr.29)
Laat iedereen Zijn heilige naam loven.
Koningen en heersers, oud en jong,
Laat hemel en aarde zich verheugen.

Let ev’rybody praise His holy name.
Let ev’rybody praise His holy name.
Let heaven and earth rejoice ,
heaven and earth rejoice,
Ev’rybody praise His holy name. (2x)

Praise Him, hills and mountains,
ev’ry nation sing.
Praise Him, sun and moon
glory to our King, to our King

Let everybody praise His holy name.
Let everybody praise His holy name.
Let heaven and earth rejoice ,
heaven and earth rejoice,
Ev’rybody praise His holy name.

Praise Him, kings and rulers
ev’ry nation sing.
Praise Him, old and young
glory to our King, to our King.

Heaven and earth rejoice.
Heaven and earth rejoice.
Evrybody praise His holy name
Let ev’rybody praise His holy name!

Openingslied: “En toch…” (nr.32)
En toch, en toch, en toch, en toch, en toch,
is zijn liefde de kracht, de bundeling
en sterker dan onszelf.

Al wordt de wereld donkerder
is er geen spoor van ochtendlicht
en niemand die naar vrede reikt;
vertroebelt lijkt ons zicht.

En toch… draait alles om Gods liefde.
Zonder de liefde heb je niets.
Alleen maar twee lege handen,
een hart dat alle kracht verliest.
En toch.. zal ons diepste verlangen
bezieling geven aan het licht
en zal Gods liefde doen geloven
dat hoop op leven is gericht.

Al voelt ons leed steeds zwaarder
is er geen hoop op levenslicht;
verdriet dat haast verdrinken doet
leest pijn in een gezicht.
En toch… draait alles om Gods liefde.
Zonder de liefde heb je niets.
Alleen maar twee lege handen,
een hart dat alle kracht verliest.
En toch.. zal ons diepste verlangen
bezieling geven aan het licht
en zal Gods liefde doen geloven
dat hoop op leven is gericht.

En toch, en toch, en toch, en toch, en toch,
is zijn liefde de kracht, de bundeling
en sterker dan onszelf.

Welkomstwoord

Inleiding
Veel mensen vinden zichzelf enorm belangrijk, veel belangrijker dan ze zijn. Ze zoeken altijd en overal de schijnwerpers. Ze spelen toneel en voelen zich alleen maar goed op het podium. “Kijk maar”, denken ze. “Hier ben ik”.

Hoe dikwijls spreken we het woordje “ik” niet uit in de loop van één dag. We zouden zelf verstomd zijn als we de optelling moesten maken voor die duizenden “ik’s”. Hoe vlug plaatsen we ons niet op de voorgrond met dat “ik” als we met mensen omgaan.

Zoveel theater! Is dat niet lachwekkend. Is het niet veel eenvoudiger en veel gezonder van dat hoge podium af te komen en de schijnwerpers te doven? We worden veel gelukkiger als we, verlost van onszelf, vrij worden van die jacht naar eigen ingebeelde grootheid. Dan pas kunnen we echt gaan leven en de mens naast ons ontdekken. Dan pas kunnen we geboeid worden door het leven van iemand, die misschien al lang op ons wacht.
Want, wie is er nu eigenlijk belangrijk?

 

Gebed om Vergeving

Laten we voor we aan deze viering beginnen het even stil maken en kijken in ons eigen hart, in het eigen leven. Vaak vinden we bij onszelf kleine, scherpe kanten. Daarom willen we nu om vergeving vragen.

Voor al die keren dat wij
mensen in nood zagen en geen helpende hand uitstaken,
dat we eigenbelang kozen
boven naastenliefde.
Heer ontferm U over ons.

Voor al die keren dat wij
moedwillig afdwaalden
dat we eigen wegen gingen
zonder rekening te houden met anderen
en alleen dachten aan ons eigen ik.
Christus ontferm U over ons.

Voor al die keren
dat wij vaak niet geloofden
dat U God, onvoorwaardelijk
onze goede Herder wilt zijn.
Heer ontferm U over ons.

Goede God,
als een Herder zorgt U voor ons
wil dan ook nu weer
in uw eindeloze erbarming
al wat klein en gebroken is
van ons weg nemen
opdat wij opnieuw vrij leven mogen,
vandaag en alle dagen dat wij leven mogen.
Amen.

1e Lezing - Ruzie tussen de kleuren
Groen zei: "Het is wel duidelijk dat ik de voornaamste ben. Ik ben het teken van leven en hoop. Ik werd gekozen als kleur van gras, bomen en bladeren. Zonder mij zouden alle dieren sterven. Kijk rond op het land en je zult mijn grootheid zien."

Blauw viel haar in de rede: "Jij denkt alleen maar aan de aarde, maar kijk toch eens naar de lucht en de zee. Water is de oorsprong van alle leven. Het wordt door de wolken omhoog getrokken uit de blauwe zee. De lucht geeft ruimte en vrede en rust. Zonder mijn vrede zouden jullie niets anders zijn dan een stelletje druktemakers."

Geel grinnikte: "Jullie zijn allemaal zo serieus. Ik laat de mensen lachen. Ik breng vrolijkheid en warmte in de wereld. De zon is geel, de maan is geel, de sterren zijn geel. Iedere keer als je naar de zonnebloem kijkt, wordt de hele wereld één grote glimlach. Zonder mij zou er geen plezier zijn."

Daarna begon oranje de loftrompet over zichzelf te steken: "Ik ben de kleur van gezondheid en kracht. Ik mag dan misschien wel zeldzaam zijn, maar ik ben kostbaar, want ik verzorg de innerlijke behoeften van de mens. Ik ben de belangrijkste bron van gezondheid. Denk maar eens aan de wortels, de pompoenen en de sinaasappels. Ik hang niet de hele dag rond. Maar als ik de hemel kleur bij zonsondergang, dan is mijn schoonheid zo overweldigend, dat niemand meer aandacht aan iets anders kan schenken."

Rood hield het niet langer meer uit. Ze schreeuwde: "Ik ben de heerser over jullie allemaal. Ik ben de kleur van gevaar en van dapperheid. Ik breng vuur in het bloed. Zonder mij zou de aarde even leeg zijn als de maan. Ik ben de kleur van hartstocht en van liefde, de kleur van papavers en rode rozen.

Paars rees op in alle waardigheid. Ze was heel groot en sprak heel plechtig: "Ik ben de kleur van koningschap en macht. Vorsten, koningen en bisschoppen hebben mij tot hun kleur gekozen, want ik ben een teken van waardigheid en wijsheid. Over mij hebben de mensen geen twijfels of vragen. Zij luisteren alleen maar en gehoorzamen."

Indigo sprak rustiger dan alle anderen, maar zeker niet minder beslist: "Denk eens aan mij. Ik ben de kleur van de stilte. Ge merkt mij nauwelijks op. Maar zonder mij wordt ge allemaal oppervlakkig. Ik vertegenwoordig de gedachte, de schemering en het diepe water. Ik schep tegenstelling en evenwicht. Ik ben onmisbaar voor gebed en innerlijke rust."

Zo gingen de kleuren door met opscheppen, ieder in de overtuiging dat zij zelf de beste was. Hun ruzie werd luider en luider. Plotseling schrokken ze op van een stralend witte bliksemflits. De donder rolde en dreunde. De regen stroomde meedogenloos neer. De kleuren bogen zich angstig naar de grond en kropen dicht tegen elkaar aan, op zoek naar steun.

Toen sprak Regen: "Dwaze kleuren. Waarom vechten jullie met elkaar? Weten jullie dan niet dat God jullie allemaal heeft gemaakt, elk voor een ander doel, verschillend en uniek? Hij houdt van elk van jullie. Hij heeft jullie allemaal nodig. Geef mekaar een hand en ga met mij mee. Hij wil jullie langs de hemel spannen in een grote regenboog, als herinnering aan zijn liefde, als uitnodiging om samen in vrede te leven, als teken van hoop voor morgen."

En zo komt het dat God, als Hij de aarde met een flinke regenbui heeft schoongewassen, de regenboog aan de hemel plaatst, als een uitnodiging ook aan ons, om elkaar te waarderen en te helpen.

Lied: Laudate omnes gentens   (37f)
Laudate omnes gentens, laudate dominum.
Laudate omnes gentens, laudate dominum.

2e Lezing – Jezus Sirach 3: 17-18, 20, 28-29
Wat je doet, mijn kind, doe dat met zachtheid en je zult meer bemind worden dan iemand die geschenken geeft.
Hoe hoger je staat, des te kleiner moet je je maken, en je zult genade vinden bij de Heer. Want groot is de barmhartigheid van de Heer en aan de nederigen toont Hij zijn geheimen. Voor de kwaal van de hoogmoedige bestaat geen genezing, want de plant van de slechtheid heeft wortel geschoten in hem. Het hart van de verstandige mens denkt na over de spreuken; wat de wijze voor zichzelf wenst is een oor dat luistert.

Lied: “Waar liefde is” (nr.30)
Waar liefde is en vriendschap daar is God.
Waar liefde is en vriendschap daar is God,
daar is God, daar is God.

Evangelie – Lucas 14, 1+7-14
Toen hij op sabbat naar het huis van een vooraanstaande Farizeeër ging, waar hij voor een maaltijd was uitgenodigd, hielden ze hem in het oog.
Hij vertelde de genodigden een gelijkenis, want hij had gezien hoe ze de ereplaatsen voor zichzelf kozen. Hij zei tegen hen: ‘Wanneer u door iemand wordt uitgenodigd voor een bruiloft, kies dan niet de ereplaats, want misschien is er wel iemand uitgenodigd die voornamer is dan u, en dan moet uw gastheer tegen u zeggen: “Sta uw plaats aan hem af.” Dan zult u beschaamd de minste plaats moeten innemen. Als u wordt uitgenodigd, kies dan de minste plaats, zodat uw gastheer tegen u zal zeggen: “Kom toch dichterbij!” Dan wordt u eer betoond ten overstaan van iedereen die samen met u aan tafel aanligt. Want wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden.’

Hij zei ook tegen degene die hem had uitgenodigd: ‘Wanneer u een maaltijd aanbiedt of een feestmaal geeft, vraag dan niet uw vrienden, uw broers, uw verwanten of uw rijke buren, in de verwachting dat zij u op hun beurt zullen uitnodigen om iets terug te doen. Wanneer u mensen ontvangt, nodig dan armen, kreupelen, verlamden en blinden uit. Dan zult u gelukkig zijn, zij kunnen voor u dan wel niets terugdoen, maar u zult ervoor beloond worden bij de opstanding van de rechtvaardigen.’

 

Overweging

Geloofsbelijdenis (allen)
Ik hoef niet te geloven in strenge regels of zware plichten,
zolang ik maar geloof in de waarde van het leven.

Ik hoef niet te geloven in mooie woorden of grote gebaren,
zolang ik maar geloof in de taal van het hart.

Ik hoef niet te geloven in een belangrijke positie of een plaats vooraan voor mijzelf,
zolang ik maar geloof in de gelijkwaardigheid van mensen.

Zolang ik maar geloof
in de Vader,
die mens voor mens op handen draagt,
in de Zoon,
die midden in het leven staat,
in de Geest,
die hoop geeft waar de zin vervaagt,
in de mens,
die voor de liefde opengaat.
Amen.

 

Voorbede

Wij bidden nu tot God, dat hij hoogmoedigen nederigheid mag leren en de vernederden verheffen.

Voor hen die waar ook verwikkeld zitten in de strijd om de eerste plaats.
Dat ze mogen leren wat nederigheid is.
Laat ons bidden…
Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor hen die leven ten koste van anderen en menen boven hen te staan.
Dat ze zichzelf leren zien met de ogen van de onderdrukten.
Laat ons bidden…
Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor hen die gedwongen worden zich te vernederen, die het recht niet krijgen zelf over hun leven te kunnen beslissen.
Dat ze hun geluk niet aan anderen moeten opofferen.
Laat ons bidden…
Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor gelijkwaardigheid en gelijke behandeling van alle mensen, wie ze ook zijn, gekleurd of blank, geleerd of ongeletterd, gelovig of zonder geloof.
Laat ons bidden…
Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor onszelf en voor elkaar, hier in gebed bijeen.
Dat we in dienstbaarheid onze eigen plaats mogen leren kennen, dat we waarachtig leven mogen vinden.
Laat ons bidden…
Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

*Parochiële voorbeden

Heer onze God, bij U bestaat geen aanzien van personen, U doorgrondt het hart van ieder mens. Ook als ons hart ons aanklaagt: U bent groter dan ons hart. Schenk ons de genade meer mens te worden naar uw hart, dat klopt voor allen die voor hun medemensen niet meetellen.

de Tafel wordt gereed gemaakt

Collecte

Tijdens de collecte zingt het koor:
“Lord let me serve” (nr.14)
Heer laat me u dienen, geef mij een doel in het leven.
Ik wil u liefhebben en dienen, dat is mijn gebed.

Lord let me serve, Lord let me follow.
Give me a place and a purpose to fill.
Teach me to serve, teach me to follow.
Use me to do Your will.

I want to love you Lord;
I want to serve You Lord;
I want to please You Lord;
This is my pray’r. (4x)

Lord let me serve,
I want to serve You Lord;
Lord let me follow;
This is my pray’r, my pray’r

 

Tafelgebed
Levende God, Bron van ons bestaan,
die eeuwig is en ongezien,
die dichtbij ons is, zoals een moeder nabij is aan haar kind,
het is uw liefde die de wereld gaande houdt,
het is uw genade waaruit we mogen leven.

U maakt geen onderscheid
tussen de ene mens en de andere,
want allemaal zijn we uw kinderen
en allen worden we door U bemind.

Als er ooit een mens is geweest op deze aarde
die ons doordrongen heeft van uw liefde,
dan is het Jezus van Nazaret.

Het verhaal van zijn leven blijft onvergetelijk:
hoe Hij mensen steunde en bemoedigde,
vooral de meest kwetsbare.
Hij keek naar het hart van de mens
en ging voorbij aan status of herkomst.

We komen vanavond hier bijeen
om u de eer te brengen die U toekomt.
God, we danken U voor alles
wat U in Christus aan ons gegeven hebt.

Mogen we treden in de voetsporen van Jezus,
gedreven door zijn verlangen naar een wereld
waar alle mensen waardig kunnen leven.
Moge het Brood van uw tafel
ons daartoe voeden en sterken.

Op de avond voor Zijn lijden was Jezus met Zijn vrienden samen.
Hij nam brood, zegende het, brak het en gaf het aan de zijnen, met de woorden:
“Neemt en eet hiervan, gij allen,
want dit is Mijn Lichaam, gegeven voor u”.

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed
en gaf hem aan Zijn vrienden, met de woorden:
“Drinkt allen hieruit,
want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond,
dit is Mijn Bloed dat voor u
en allen vergoten wordt
tot vergeving van zonden.
Blijft dit doen om Mij te gedenken.

Het zij ons gegeven om
-overeenkomstig het verlangen van uw zoon Jezus-
heel ons leven met elkaar te delen.
God, mag dit vertrouwen onze redding zijn.
Amen.

“Onze Vader” (nr.15)
Onze Vader in de hemel,
geef ons dagelijks brood,
help ons bouwen aan de wereld,
help ons Heer tot in de dood.

En vergeef ons onze schulden,
verlos ons Heer,
van alle kwaad in deze wereld,
onze Heer, geen oorlog meer.

Heer, uw naam worde geheiligd,
ere zij uw naam,
God van mensen, plant en dieren,
onze Heer, breng ons tezaam.

Reik uw hand, o God de Vader,
blijf ons nabij,
want de macht van alle eeuwen.
Heer zijt Gij, oh Heer, zijt Gij. (2x)

Vredeswens

Uitnodiging tot de communie

Communie

Muzikaal intermezzo:

Slotgebed
Heer God,
Wij danken U voor deze viering, waarin we mochten horen over wie nu eigenlijk belangrijk is.
Mogen wij van hier gaan met de wijsheid dat niemand van ons de belangrijkste is, maar dat we in Gods ogen allemaal belangrijk zijn.
Amen

Slotlied: “Kostbaar” (nr.8)
Kostbaar zegt God, ben jij in mijn ogen
Ik heb je lief.

Zegen en Wegzending

Wie bescheiden om zegen vraagt wordt rijkelijk met zegen overladen.
Die rijdom aan zegen mogen wij over elkaar afroepen,
in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, Amen.

Na afloop van de viering zingt het koor:
“I’m climbing up the mountain  (nr.34)
Once I travelled in the valley so low, so low;
And lonely and weary was I.
Now I travel in the valley no more, no more;
And I’ll reach the other side by and by, by and by.

Well, well. I’m climbin’  up the mountain to the sky
I’m going where I’ll never, never die, never die
I’m climbin’ up the mountain, climbin’ higher up the mountain;
And I’ll reach the other side by and by.

Well, I would not keep a sinnin’ oh no,oh no
I’m trav’ling with my Jesus to the sky.
And I started, started trav’ling long ago, long ago;
And I’ll reach the other side by and by, by and by.

Well, well. I’m climbin’  up the mountain to the sky
I’m going where I’ll never, never die, never die
I’m climbin’ up the mountain , climbin’ higher up the mountain;
And I’ll reach the other side by and by.

I’m climbin’ up the mountain, climbin’ higher up the mountain;
And I’ll reach the other side by and by, by and by, by and by!