Blind vertrouwen 24-06-2006

Thema: Blind vertrouwen

Voor de viering zingt het koor:
Laudate omnes gentens   (37f)
Laudate omnes gentens, laudate dominum.
Laudate omnes gentens, laudate dominum.

Openingslied:
“Faithful and true” (nr.54)

Welkomstwoord

Inleiding
Mensen kunnen in nood verkeren,
Zich door onheil bedreigd voelen.
Maar er is iemand, horen wij vandaag,
Die alle stormen tot bedaren kan brengen,
en die in een mensenzoon, ons houvast biedt,
ons een reddende hand toesteekt.
In verhalen daarover mogen wij
zijn woorden tot bemoediging beluisteren.

Gebed om Vergeving

V. God, soms hebben we enkel maar oog voor onszelf,
soms zien we de mens niet meer die naast ons staat.

A. We bidden U: dat er in ons ruimte mag groeien voor anderen.

V. God, soms leven we gevangen in onszelf, angstig en onzeker.

A. We bidden U: dat we mensen mogen zijn die oog en oor hebben
voor uw woorden van bevrijding.

V. God, soms zien we de toekomst somber in,
soms zijn we moedeloos wanneer we de fouten zien van onszelf en van anderen.

A. We bidden U: geef ons hart warmte waarmee we elkaar kunnen helen.
Omdat we tekortschoten ten opzichte van U en van elkaar,
daarom willen we opnieuw beginnen, want we weten dat U eindeloos vergeeft,
tot zeventigmaal zevenmaal toe door Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Lied:  “Bede” (nr.40)

Gebed
God, die weet wat in ons leeft,
wat ons verheugt, maar ook verontrust,
zeg tot ons hart dat U ons nabij wilt zijn;
dat U in donkere uren van ons leven
ons houvast en ons licht wilt zijn.
Spreek in dit uur van genade
uw vrede over ons uit,
waarin wij bij tij en ontij
geborgenheid mogen vinden.
Amen.

1e Lezing - Blind vertrouwen
Een vroom man die in overeenstemming met Gods wil trachtte te leven, woonde in een vallei op het platteland. Op een dag regende het hevig in zijn vallei en het waterpeil steeg. De man verhuisde van de eerste verdieping van zijn huis naar de tweede terwijl het gestaag bleef regenen. Tenslotte klom hij boven op het dak. Er kwam een reddingsboot die aanbood hem in veiligheid te brengen, maar de man stuurde hem weg en zei: ‘Ik heb alle vertrouwen in God. Ik bid en vertrouw er op dat hij voor mij zal zorgen.’ De roeiboot verdween. De storm hield aan, het bleef regenen en spoedig stond het water tot aan zijn nek. De tweede roeiboot verscheen om hem te redden en die werd op dezelfde manier weggestuurd. ‘Ik geloof en vertrouw op God. Ik bid in vol vertrouwen’, en ze werden weggezonden. Het bleef regenen en het water kwam zo hoog dat de man ternauwernood kon ademhalen door zijn mond en neus. Een helikopter vloog over en liet een ladder zakken om hem te redden. ‘Kom mee,’ zeiden ze, ‘we brengen je in veiligheid.’ ‘Nee’, riep hij en hij herhaalde wat hij tevoren had gezegd: ‘Ik heb vertrouwen in God. Ik bid en ik geloof dat Hij wel voor mij zal zorgen’ Daarom stuurde hij de helikopter weg. Maar het bleef regenen, het water steeg en tenslotte verdronk hij. Hij ging naar de hemel en kreeg na korte tijd een onderhoud met God. Hij ging naar binnen, kreeg een zitplaats tegenover de Almachtige toegewezen en begon te vragen: ‘Ik had zoveel vertrouwen in U. Ik geloofde zo volkomen in U. Ik bad en probeerde gehoorzaam te zijn aan uw wil. Maar nu begrijp ik het allemaal niet meer.’ Daarop krabde God zich op het hoofd en zei: ‘Ik begrijp het evenmin! Ik heb je twee roeiboten en een helikopter gestuurd!’

Lied: “Wonderen” (nr.25)

Evangelie Marcus 4, 35-41
“Storm op het meer”
Tegen de avond van die dag zei Hij tegen hen: ‘Laten we naar de overkant gaan.’ Ze lieten de mensen achter en namen Hem mee met de boot waarin Hij zat; er waren nog andere boten bij. En er stak een hevige storm op, en de golven sloegen over de boot, zodat die al volliep. Maar Hij lag op het achterdek op een kussen te slapen. Ze maakten Hem wakker en zeiden: ‘Meester, kan het U niet schelen dat wij vergaan?’ Hij stond op en bestrafte de wind en het water: ‘Zwijg, wees stil!’ En de wind ging liggen en het werd volkomen stil. Hij zei tegen hen: ‘Waarom zijn jullie bang? Hebben jullie nog geen vertrouwen?’ Ze werden door schrik bevangen, en zeiden tegen elkaar: ‘Wie is dat toch, dat zelfs de wind en het water naar Hem luisteren?’

Overweging

O Lord hear my prayer  (37e)
O Lord hear my pray’r, O Lord hear my pray’r,
when I call, answer me.
O Lord hear my pray’r, O Lord hear my pray’r,
Come and listen to me.

 

Geloofsbelijdenis (allen)
Ik geloof dat ik niet alleen sta, waar ik ook leef.
Ik geloof dat er schuld en onschuld is,
macht en onmacht, dood en leven,
aan mijn kant en jouw kant.

Ik geloof dat er moed voor nodig is, dit te aanvaarden.
Ik geloof dat we elkaar veel moeten vergeven.
Ik geloof in de vrijheid, in de vrede voor een mens
al kost het heel veel pijn.

Ik geloof dat er ÉÉN is die groter is dan ons hart
en die ons als Eerste heeft liefgehad.
Ik geloof dat Hij de Eeuwige is,
God van de levenden.

Voorbede

God van mensen, in het vertrouwen
dat U met ons mensen begaan bent, bidden we:

Voor al die mensen die hun zekerheden zijn kwijtgeraakt,
getroffen als ze zijn door aardbevingen of vloedgolven;
dat ze niet alleen een dak boven hun hoofd kunnen
opbouwen, maar ook een nieuw vertrouwen in het leven
Laat ons bidden…

Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor al die mensen die gekweld worden door angsten,
omdat ze lijden aan een ernstige ziekte
of juist omdat ze onzeker zijn over wat ze mankeren;
dat ze hun innerlijke zekerheid weten te hervinden
Laat ons bidden…

Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor onze kerkelijke gemeenschappen,
klein, kwetsbaar en worstelend met tegenwind,
kleingelovigen die zich angstig afvragen
wat hun toekomst zal zijn;
dat ze vertrouwen in God weten te behouden
Laat ons bidden…

Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

Voor ons zelf, hier aanwezig, soms heen en weer
geslingerd tussen onzekerheid en geloof;
dat we niet weglopen voor wat ons bang maakt,
maar dat we blijven zoeken naar vertrouwen
Laat ons bidden…

Heer onze God, wij bidden U verhoor ons.

God van mensen,
doe opnieuw in ons het geloof stromen
en beziel ons met de moed en het vertrouwen
waaruit Hij leefde,
Jezus, kind van mensen en Kind van U tot in eeuwigheid.
Amen.

Parochiële voorbeden

de Tafel wordt gereed gemaakt

Collecte

Tijdens de collecte zingt het koor:
“Mensen gevraagd” (nr63)
Mensen gevraagd,
er worden mensen gevraagd,
ja, dringend Mensen gevraagd.

Er worden mensen gevraagd, om de vrede te leren,
waar geweld door de eeuwen model heeft gestaan.
Mensen gevraagd, die de wegen markeren,
waarop alles wat leven heeft verder kan gaan.

Mensen gevraagd om de noodklok te luiden,
en om tegen de waanzin de straat op te gaan.
Mensen gevraagd, om de tekens te duiden,
die alleen nog moedwillig zijn mist e verstaan.

Er worden mensen gevraagd, om hun nek uit te steken
voor een andere tijd en een nieuwe moraal.
Mensen om ijzer met handen te breken,
ook al lijkt het ondoenlijk en paradoxaal.

Mensen gevraagd om hun stem te verheffen,
verontrust door een wapen, dat niemand ontziet.
Mensen gevraagd, die de waarheid beseffen:
Dat wie mikt op een ander zichzelf ook beschiet.

Er worden mensen gevraagd, die in naam van de vrede
voor behoud van de aarde en al wat dar leeft,
wapens het liefst toe een ploeg willen smeden,
voor de oogst, die aan allen weer overvloed geeft.

Er worden mensen gevraagd;
Er worden mensen gevraagd;
mensen, mensen, mensen, mensen!

Communiegebed
Vertrouwenwekkende woorden
en een tafel van gemeenschap mogen wij delen.
Laten wij God dank zeggen
dat Hij ons in woorden en brood van leven
bemoedigend nabij wil zijn.

Wij danken U, God,
dat mensen U ter harte gaan;
dat U onze namen hebt geschreven
in de palm van uw hand;
dat wij U ons aller Vader mogen noemen;
dat U in een mensenzoon
God-met-ons geworden bent.

acclamatie: God van bemoediging, geef ons vertrouwen.

Wij danken U, God,
dat Jezus ons bemoedigend heeft toegesproken;
dat U ons in Hem houvast biedt,
en ons uw reddende hand hebt toegestoken.

God van bemoediging, geef ons vertrouwen.

Wij danken U, God,
dat wij aan een tafel van gemeenschap
het verbond mogen vieren
waarin U voorgoed en van nabij
ons aller lot en leven deelt.

God van bemoediging, geef ons vertrouwen.

Wij danken U, God,
dat wij, door U bemoedigd,
ook elkaar tot steun mogen zijn;
dat wij, vervuld van uw vrede,
ook elkaar bemoedigend nabij mogen zijn.
Amen.

“Onze Vader” (nr.15)
Onze Vader in de hemel,
geef ons dagelijks brood,
help ons bouwen aan de wereld,
help ons Heer tot in de dood.

En vergeef ons onze schulden,
verlos ons Heer,
van alle kwaad in deze wereld,
onze Heer, geen oorlog meer.

Heer, uw naam worde geheiligd,
ere zij uw naam,
God van mensen, plant en dieren,
onze Heer, breng ons tezaam.

Reik uw hand, o God de Vader,
blijf ons nabij,
want de macht van alle eeuwen.
Heer zijt Gij, oh Heer, zijt Gij. (2x)

Vredeswens
Nu we in de naam van Jezus bijeen zijn,
Komt Hij zelf in ons midden.
Hij bracht genezing door zijn woord en zijn gebaar.
Hij schonk vergeving, Hij zette de verlamde weer op de been.
Hij gaf zicht aan de blinde. Hij liet de storm bedaren.
Zijn komst gaf toekomst aan de mensheid.
Hij leerde ons hoe we naar elkaar kunnen omzien
Om vrede en gerechtigheid te bewerken voor elkaar.
Zijn komst bracht vrede. Moge zijn vrede onder ons komen.
Wensen we elkaar de vrede van Jezus Christus…

Uitnodiging tot de communie

Communie

Muzikaal intermezzo:

Slotgebed
God, wij hoorden vanavond het verhaal van de storm en hoe rustig Jezus daarbij blijft.
Ook in ons leven ervaren we vaak stormen.
Wil ons rust geven daarin, en de kracht om te komen naar die overkant, zodat we niet blijven dobberen, maar steeds weer leren vertrouwen en opnieuw beginnen.
Amen

Slotlied: “Nu wij uiteengaan” (nr.61)

Zegen en Wegzending

Bemoedigd door Hem
die alle stormen tot bedaren kan brengen
mogen wij in vrede onze weg vervolgen,
op onze beurt elkaar bemoedigend,
in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest.
Amen.

Na afloop van de viering zingt het koor:
“I’m climbing up the mountain  (nr.34)