Kaarsje aansteken
Op 4 mei herdenken we de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog in Europa en in Zuidoost-Azië. We herdenken ook de slachtoffers van oorlogssituaties en vredesoperaties waarbij Nederland betrokken was na de Tweede Wereldoorlog.
4 mei is voor mij elk jaar een bijzondere dag. Voordat ik pastor werd van Lucaskerk was ik 23 jaar aalmoezenier bij de krijgsmacht. In de jaren 90 ben ik met verschillende schepen mee geweest die werden ingezet bij de oorlog in voormalig Joegoslavië.
Op 4 mei ben ik niet alleen pastor, maar ook veteraan. Ik voel dan ook een diepe verbondenheid met alle mannen en vrouwen en hun gezinnen die sinds het uitbreken van de Tweede wereldoorlog zijn uitgezonden geweest of op dit moment zijn uitgezonden om hun bijdrage aan de vrede te leveren.
Ik wil op 4 mei (samen met u?) enkele kaarsjes aansteken.
Een kaars voor alle mensen uit Nederland die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen.
Een kaars voor alle mensen die zich hebben ingezet voor de vrede, mensen zoals Nico Broers, Dirk Roos, mensen zoals de 6 Engelse militairen die met hun vliegtuig zijn neergestort in het IJsselmeer en zoals de 6 Poolse mensen die hetzelfde overkwam, en voor al die andere mensen die in de Tweede Wereldoorlog hun leven hebben gegeven voor onze vrijheid.
Een kaars voor alle joden, zigeuners, communisten en anderen die weggevoerd werden naar de vernietigingskampen en dat niet overleefd hebben.
Een kaars voor alle burgers en militairen die na de Tweede Wereldoorlog het slachtoffer werden van oorlog, geweld en terrorisme.
En tenslotte wil ik een kaars aansteken voor alle onschuldige mensen die vandaag de dag de dood vinden door raketten, bommen, landmijnen, kogels en granaten.
Gebed bij de kaarsjes: “Heer verlos ons uit de greep van het kwade. Amen”
Diaken Jules Post
PS:
Een parochiaan mailde mij het volgende verhaal. Ik wil het graag met u delen.
Het geweten
Een aantal gevangenen zat samen opgesloten in de barak van een concentratiekamp. Elke avond kwam de bewaker langs en deze zocht telkens dezelfde man uit om hem af te ranselen. De anderen keken in machteloze woede toe. Maar wat konden ze doen? Immers elke poging om hun kameraad te helpen zou leiden tot nog meer geweld.
Totdat iemand op een avond zei: 'Als u dan beslist elke avond iemand moet martelen, neem dan mij vandaag eens in plaats van hem.'
Deze reactie kwam voor de bewaker volkomen onverwacht omdat hij er vast op rekende dat de angst zou overheersen. Maar na wat aarzelen zei hij: 'Goed, ik neem vanavond jou en niet die ander. En omdat je zo flink bent om jezelf aan te bieden mag je me zeggen hoeveel slagen je wilt hebben.'
De gevangene zei: 'Dat laat ik over aan uw geweten.'
Volkomen verward gaf de bewaker ten antwoord: 'Ik heb geen geweten.' Waarop de gevangene reageerde: 'Natuurlijk hebt u wel een geweten, want anders had u mij allang afgeranseld.'
De bewaker verdween en kwam nooit meer terug in de barak.