Terug naar hoofdinhoud

Veertigdagentijd

Woensdag 18 februari is het Aswoensdag en begint de vastentijd. Een vraag in deze tijd kan “Hoe maken we vasten concreet’? In mijn jonge jaren was vasten snoepjes opsparen in een trommeltje en latere jaren minder eten en een alcohol loze periode ingaan. Maar hoe kunnen we in deze tijd invulling geven aan de vastentijd.

Feitelijk is vasten een oefening in zelfbeheersing. Het beheersen van de primaire menselijke behoeften. Het is ook duidelijk dat dat niet haalbaar is. Immers wij leven in een maatschappij die precies het omgekeerde doet van wat vasten beoogd. Een maatschappij waar het normaal is om je steeds meer toe te eigenen. En als we geld hebben is dat ook mogelijk Maar is dat nu de ideale weg of leidt die weg eerder tot andere nadelen.
Ik denk dat wij in onze mentale en spirituele leven een overstap moeten maken van behoefte, naar verlangen. Het hebbe, hebbe vervangen door een verlangen naar iets.
Als wij steeds maar bezig zijn met onze primaire behoeften dan komt het verlangen nooit tot wasdom. Ik denk dat we kunnen proberen om uit onze beperkte kleine wereld te stappen en meer in relatie treden met anderen mensen en met Jezus en zijn Vader. Laten we zoeken naar de heilige Geest in ons om daar kracht te vinden om die verandering in ons leven te bereiken

In het Mattheus-evangelie van Aswoensdag kunnen lezen dat Jezus tegen ons zegt “bidt als je alleen bent, vast als je alleen bent en toon niet aan iedereen wat je aan het doen bent”  Dit vergt zelfbeheersing en als we iets naar boven lezen in hetzelfde evangelie dan lezen we de tekst over het geven van aalmoezen  aan anderen. Hier wijst Jezus ons op de anderen die het moeilijker hebben dan wij. Wanner wij durven erkennen dat die andere mens verlangt naar een relatie en dat jij in staat bent om daarop in te gaan. Ik wil u opnieuw meenemen naar een ervaring die ik in mijn werkzame leven heb meegemaakt, een belevenis die zeer veel indruk op mij heeft gemaakt.

Ik was in mijn vorige leven op een congres over het betalingsverkeer in Lissabon en mijn Portugese collega zei tegen mij, Morgen wil ik naar de sloppenwijken gaan om dat met eigen ogen te zien, heb je zin om mee te gaan.  Wij gingen op stap en werden toevallig opgevangen door oudere dame die bereid was om ons rond te leiden. Wij kregen een uitvoerige rondleiding en alle misère werd ons getoond en dus zei ik op een gegeven moment “Wat een ellende” De oude vrouw bleef staan en keek mij aan. Zei mij in gebrekkig Engels “helemaal geen ellende, elke morgen word ik wakker en kijk naar de blauwe lucht en dank de goede God dat ik er ben”.
Broeders en zusters die tevredenheid van haar met haar leven en haar dankbaarheid maakt diepe indruk op mij. En ik denk dat wij ons leven wat meer dankbaar en tevreden moeten zijn en tegen de goede God zeggen “Goede god ik ben eigenlijk zeer ondankbaar, vergeef het me en help mij terug te keren naar u’. Laten we dan met dat bewustzijn ons omkeren en gaan geloven in de blijde boodschap en gaan geloven dat wij samen hier een klein beetje het Rijk van Gods kunnen creëren. Want wat Jezus ons meegeeft is waar Het Rijk kan zeer nabij zijn.

Dus laten we in onszelf keren en te rade gaan. Wat voelen we? Welke beproeving speelt mij parten. Kan ik er iets aan doen? Voelen wij ons misschien tekort gedaan? Of voelen we ook blijdschap om de lichtpuntjes in ons leven. Blijdschap omdat we weten dat ook deze grote ramp weer een keer voorbij zal gaan. Blijdschap misschien omdat we de moed hebben om in de spiegel te kijken en niet blijven liggen wanneer we gevallen zijn, maar opstaan en verdergaan.  Want misschien vraagt Jezus wel echt aan ons om ons minder materialistisch op te stellen en ruimte creëren in ons hart voor Hem  en ons meer te richten op onze naasten.

Kapelaan Wim Zürlohe februari 2026